Ruud van Els

Door mijn hbo opleiding in levensbeschouwelijk werk heb ik voeling met typisch menseigen praktijken, met daden die onrecht wordt aangedaan wanneer deze primair worden verklaard in termen van nut, zoals liefhebben en rouwen. Wat mij daarbij fascineert, is dat zulke daden gepaard gaan met een gevoeligheid voor symbolen en vaak zelf ritueel van aard zijn.

Deze fascinatie heb ik tijdens mijn universitaire studieloopbaan in de filosofie verdergezet op een meer theoretisch vlak, door mij te specialiseren in wijsgerige antropologie en cultuurfilosofie, maar bovenal fenomenologie: de filosofische studie van de menselijke ervaring. Ik ontdekte echter dat géén van de grote fenomenologen bij het in kaart brengen van hoe wij de wereld, onszelf en de ander ervaren, voldoende oog heeft voor deze symboolgevoeligheid. Iets dat ik persoonlijk als een groot gebrek heb ervaren. Vandaar dat ik, toen ik in de masterproef de vrijheid kreeg om zelf een onderwerp te kiezen, ideeën over symbolen experimenteel heb ingebracht in de fenomenologie van Heideggers Sein und Zeit.

Tijdens en na de research master heb ik mij verder ontwikkeld in het doen van academisch onderzoek. Zo lees ik mij vlot in nieuwe materie in, kan ik de verschillende posities en argumenten onderscheiden of groeperen, overzichtelijk reconstrueren en daartegenover een eigen positie afbakenen. Daarenboven heb ik geleerd hoe je een impactvol onderzoek formuleert met een gedegen project management. Dankzij deze academische vaardigheden heb ik mijn eerdere fenomenologische onderzoeksinteresse kunnen professionaliseren, met dit onderzoeksproject als resultaat.

In het project “Meer dan een verlies: Naar een fenomenologie van rouw” wordt een naast overlijden naar voren geschoven als dé uitgelezen mogelijkheid om de menseigen symboolgevoeligheid alsnog fenomenologisch te thematiseren. De fenomenologie van rouw die zo in zicht komt, blijkt bovendien van enorme meerwaarde voor een nieuwe maar invloedrijke, internationale tak van fenomenologie: Phenomenology of grief. Het mooie hierbij, is dat deze tak van fenomenologie niet onopgemerkt blijft onder rouw- en ritueelbegeleiders, waardoor ik terug aansluit bij de levensbeschouwelijke praktijk van waaruit ik vertrokken ben.